Koivijver  
Alle informatie over vijvers  
  
 

 
 

 
 
De site over vijvers
 
 

Zuurstofplanten

De zuurstofplanten zorgen voor zuurstof in de vijver en produceren remmende stoffen tegen algen. Ze nemen allerlei voedingstoffen op uit het water, zoals nitraten en mineralen, ze leven van dezelfde voedingstoffen als algen.

Zuurstofplanten
Het is dus erg belangrijk om direct na het vullen van de vijver, de zuurstofplanten erin te zetten zodat algen geen kans krijgen.
Per 1000 liter water heeft u 6 bosjes zuurstofplanten nodig, dat meestal overeenkomt met 1 kant-en-klaar mandje
Als u de zuurstofplanten kant en klaar in een mandje koopt, kunt u ze direct in de vijver zetten. Uitgezonderd van een aantal soorten zuurstofplanten zoals blaasjeskruid en waterviolier hebben zuurstofplanten weinig sierwaarde. Het is niet zo dat als u voldoende zuurstofplanten van een bepaalde soort in de vijver zet, de vijver dan het gehele jaar automatisch helder blijft. Zuurstofplanten hebben we vooral nodig als het warmer wordt, van het voorjaar tot de late herfst moeten de zuurstofplanten optimaal werken. Omdat de meeste zuurstofplanten niet van het voorjaar tot de late herfst zuurstof afgeven, is het noodzakelijk verschillende soorten een plekje te geven in de vijver.
De soort die van eind maart tot oktober groeit is de glanzende fonteinkruid of te wel Potamogeton lucens.Dit is een van de belangrijkste zuurstofplanten voor de vijver!
Het beste is om van de benodigde aantal zuurstofplanten 3/4 van deze plant te gebruiken. Voor het voorjaar en de winter kan er een waterranonkel (Ranunculus aquatilis) gebruikt worden. Voor de zomer en najaar gedoornd hoornblad (Ceratophyllum demersum) ook waterpest en sterrenkroost zijn goede zuurstofplanten voor in de vijver.
Zet alle zuurstofplanten in een mandje, behalve hoornblad en blaasjeskruid, als u ze in groepen bij elkaar zet geeft dat een rustig beeld van uw vijver. Zuurstofplanten zijn behoorlijk prijzig, maar als u een helder vijver wilt is het belangrijk dat u er voldoende in de vijver zet. Zonder zuurstofplanten kan het goed gaan zolang het winter is, zodra het warmer wordt komt het bacterie leven op gang en krijgt u te maken met stinkend water.
Koop van zuurstofplanten
Let er op dat de zuurstofplanten bij de verkoper niet in de volle zon staan of dat de zuurstofplanten in los bossen bij elkaar liggen. Let er tevens op dat er geen lood bevestigd is aan de planten, dit is zeer giftig voor de dieren in het water. Als u bij de verkoper de planten in een bak met kroos ziet staan koop ze dan niet, de kans is dan namelijk erg groot dat u zelf ook kroos in de vijver krijgt. Zorg bij het vervoeren dat de planten niet uitdrogen, en eenmaal thuis kunt u ze het beste direct in het water zetten.
Als dit door omstandigheden niet direct kan, geef dan de planten een plekje in een koele ruimte. Planten die in een mandje staan kunnen het wat langer volhouden, maar absoluut niet langer dan 48 uur. Losse zuurstofplanten moeten vanaf het begin van hun groeiperiode worden gepoot, tussen eind maart en eind juni. Later kan eigenlijk niet omdat de groei dan niet meer optimaal is, de kans is dan aanwezig dat de plant zal rotten.

Na juni kunnen alleen nog jonge planten van de waterviolier, aardvederkruid, en waterranonkel worden gepoot, planten die al in een mandje zijn vastgegroeid kunnen het gehele jaar in de vijver worden gezet.
Het planten van zuurstofplanten
Het is verstandig om zo weinig mogelijk grond in de vijver te hebben, dit beperkt de wiergroei en de vissen kunnen de grond niet omwoelen. Door eilandjes te maken van grond gaan de planten niet door elkaar woekeren.
Het beste kunt u het zo doen
Leg eerst een stuk beschermfolie(bijv anti-worteldoek), daarna maakt u een rondje van keien. Hier in legt u eerst een laagje gewassen grind in, daarna legt u er een stuk tuinbouwvlies op.
Leg het tuinbouwvlies zo dat er ook niks door de kieren van de keien kan worden gespoeld. Boven op het tuinbouwvlies legt u een laag van 10-15 cm natte vijvergrond, hier kunt u de planten in poten, zet de bosjes ongeveer 20 cm uit elkaar. Strooi na het poten 2–3 cm grof rivierzand rond de planten op de vijver aarde. Begiet het rivierzand met water zodat dit wordt gewassen en dek het daarna af met vochtige kranten of oude lakens.
Na het poten van de planten moet de vijver zo snel mogelijk gevuld worden. Begin altijd met het poten op het diepste gedeelte van de vijver, en vul dit na het poten direct met water. Zet een emmer in de vijver en leg hier de tuinslang in, dit voorkomt teveel stroming. Zodra moeras en overplanten zijn gepoot kunt u de vijver volledig vullen.
Het zelf poten in mandjes gaat zo:
Leg eerst in de mandjes een stuk tuinbouwvlies/anti-worteldoek, dit voorkomt het uitspoelen van de vijvergrond. Vul daarna de mandjes met natte vijvergrond, die u kunt kopen bij de vijverspeciaal zaak. De ene plant houdt van kleiachtige grond en de andere weer van zanderige grond. Informeer hierna bij de verkoper.
De gaatjes in de mand zorgen voor gelijke druk, zodat de grond niet door het water wordt samengeperst en daardoor de plant niet kan wortelen. Als de plant in het mandje zit strooit u er grof rivierzand over heen, daarna besproeit u de mandjes met de gieter en kunt u ze in de vijver zetten.
Drijvende zuurstofplanten
Gedoornd hoornblad en blaasjeskruid zijn drijvende zuurstofplanten, die alleen leven van de mineralen en zouten uit het water. Om te voorkomen dat ze door de hele vijver drijven, kunt u ze met een elastiek en een kiezelsteen verzwaren.
Waterlelies

Lelie
Waterlelies zijn niet alleen mooi, maar beschermen ook de vissen tegen natuurlijke vijanden, en ze zorgen in de zomer voor enige koelte. De bladeren mogen niet meer dan 30 procent van het vijver oppervlak bedekken. Eind april komen de eerste bladeren op het wateroppervlak te liggen en geeft de plant zuurstof aan de lucht. Rond juli komen de eerste bloemen, de kleuren zijn verschillend van wit, geel, roze, ren koperkleurig. ood
Rond 11 s’morgens gaat de bloem open waarna hij rond 4 uur s’middags weer dicht gaat, veel bloemen nemen verschillende kleuren aan tijdens de bloei.
De meeste waterlelies die te koop worden aangeboden zijn winterhard, ze moeten in diep water staan zodat in de winter het ijs ze niet kan bereiken. Als waterlelie’s in een schaal of ondiepe vijver staan, is het verstandig om ze in een vorstvrije ruimte te laten overwinteren. Waterlelies mogen nooit in stromend water staan, ze zullen dan niet gaan bloeien en de knol zal gaan rotten. Zet ze dus nooit te dicht bij een fontein of waterval! Let er op dat u bij aankoop winterharde waterlelie’s koopt, er zijn verschillende soorten die absoluut niet winterhard zijn en alleen geschikt zijn voor een serre of kas.
Grond voor waterlelies
Het is belangrijk om de waterlelies in de juiste grond te zetten, het ideale grondmengsel bestaat uit:
- 40 % vette blauwe klei
- 40% doorvoren laagveen
- 20% grof rivierzand
Maak de grond goed nat zodat er geen lucht meer in zit. Bemesting van waterlelies is niet nodig, er komen dan meer bladeren en minder bloemen. Als u een losse waterlelie koopt, moet u er goed opletten of de knol hard is. Lelijke bladeren mogen niet worden afgebroken, want dan gaat de knol rotten. In de vijver kan een plantbed worden gemaakt met 5 cm grind afgedekt met tuinbouwvlies of anti-worteldoek. Daarna kunt u het opvullen met 20 cm gemengde grond zoals hierboven beschreven, plant de waterlelie’s in het midden met het groeipunt naar boven.
Dek het plantenbed af met grof rivierzand en maak het plantenbed nat met de gieter. Als u in mandjes poot moet u de knol scheef poten, met de neus naar het midden van het mandje. Verzwaar het mandje met een steen zodat het niet gaat drijven, na enkele weken kan de steen worden weg gehaald, de lelie is dan vast gegroeid. Dek de mand af met 2 cm grof rivierzand en sproei het af met een gieter.
Scheuren
Door de jaren heen gaan de bladeren van de waterlelie steeds dichterbij elkaar staan, het is dan tijd om de plant te scheuren. De beste tijd om dat te doen is half april, haal de plant aan de kant en zoek de neus op, dit is de plaats waar het blad te voorschijn komt.
Snijd de knol 15 cm vanaf de neus recht door en probeer de wortels zo min mogelijk te beschadigen. Daarna kan de knol worden ingerold in kranten en een anderhalve week uitdrogen.
U kunt het beste het snijvlak inwrijven met houtskoolpoeder, dit voorkomt rotten. Na die anderhalve week kunt u de waterlelies weer in de vijver zetten.
Andere vijverplanten
Naast zuurstofplanten en waterlelie’s zijn er nog meer planten die in en om de vijver kunnen worden geplant. De functie van deze planten is voornamelijk de sierwaarde van de vijver te verhogen.
Oever en moerasplanten zijn planten die met een gedeelte van de wortels in het water staan en met een gedeelte op het vasteland. Het is functioneel (bescherming) en mooi om deze planten te gebruiken, u krijgt dan echt een natuurlijke overgang van water naar land.
Er zijn ook een aantal planten die absoluut niet thuis horen in en rondom de vijver. De reden hiervoor is dat de uitlopers van deze planten zo scherp zijn dat ze door het vijverfolie heen groeien. Ook kant en klare vijver bakken zijn er vaak niet tegen bestand.
Riet Phragmites australis
Typha soorten

Deze grassen kunt u het beste mijden. Informeer altijd voor de aankoop van een plant, of deze geschikt is om in of naast de vijver te planten.
Planten kiezen
U kunt het onderhoud van de vijver zo moeilijk of makkelijk maken als u zelf wilt, het is allemaal afhankelijk van de gekozen planten. Kiest u voor gemak, neem dan geen planten die woekeren of zichzelf snel uitzaaien.
De beste planten zijn degene die pollen vormen, zoals de gele lis, de hangende zegge en de irissen, zoals de Iris laevigata en de I.versicolor en hun cultivars. Geen van deze planten zal problemen veroorzaken door uitzaaiing. De moerashyacint (Pontederia cordata) gedraagt zich ook goed, evenals de zwanebloem (Butomus umbellatus.
Als het zo is dat uw planten te maken krijgen met sterke wind, plaats dan geen oeverplantjes in een mandje, ze zullen in uw vijver geblazen worden.

Vijvergrond
Meestal wordt er volle grond in de vijver gebruikt, dit heeft meer nadelen dan voordelen.
Voordelen:
De planten zullen het in de volle grond meestal beter doen dan in mandjes, het voordeel is dan ook nog dat u de mandjes niet in het water ziet staan.
Nadelen:
Als u niet de juiste grondverhouding gebruikt kunnen er problemen ontstaan met het water. De beste grond is laagveen met iets blauwe klei erin. Veel vijvergrond wat in de handel te koop staat bevat teveel hoogveen, dit geeft zuur en bruin af aan het water dat op zijn beurt zorgt voor troebel water. Ik heb zelf wel eens meststoffen in de vijvergrond aangetroffen, dit kan absoluut niet het haalt uw hele biotoop overhoop. Nog een nadeel van volle grond is dat in de herfst het blad gemengd wordt met de vijvergrond, dit is erg moeilijk te verwijderen, en de kans is dan groot dat er verkeerde rotting plaats vindt.
Oude koemest of grasplaggen mogen niet als vijverbodem worden gebruikt. Als het water opwarmt dan gaat alles rotten. Vooral bij kleine vijvers is het beter om de planten in de speciale vijvermandjes met gaatjes aan de zijkanten te zetten. (De wortels van de planten moeten wel door de mandjes heen kunnen)